Test- en triagecentra

Wat is een test- en triagecentrum?

Een testcentrum ofwel afnamecentrum heeft als doel om testen af te nemen bij patiënten die zijn doorverwezen door een arts of een contactonderzoeker. 

Een triagecentrum heeft als doel om patiënten met mogelijk COVID-19 fysiek te onderzoeken, overbelasting in huisartsenpraktijken of spoeddiensten te voorkomen en zo besmetting van andere patiënten te vermijden.

Erkenningsvoorwaarden

De voorwaarden om officieel erkend te worden als test- en triagecentrum zijn:

  • De huisartsenkring is de feitelijke organisator. Mits hun toelating kan een andere zorgvoorziening (bv. een ziekenhuis) de uitbating van een test- en triagecentrum organiseren.
  • Per 100.000 inwoners ofwel per eerstelijnszone kan er slechts 1 test- en triagecentrum officieel erkend worden. 
  • De afnamefunctie moet elke dag gegarandeerd blijven. De openingsuren mogen in functie van het epidemiologisch verloop aangepast worden. 
  • Bij voorkeur installatie in duurzame locaties door het bewerkstellingen van synergieën tussen ziekenhuizen, wachtposten, lokale besturen en provincies. Onder duurzame locaties verstaan we infrastructuur die voor minstens 6 maanden beschikbaar is, een exclusief gebruik garandeert, een medische setting kan herbergen en  de persoonlijke privacy en hygiëne van de burger waarborgt.  
  • De organisator stelt het Vlaams Agentschap Zorg en Gezondheid op de hoogte van de opening en sluiting van de afname- of triagefunctie en eventuele satellieten. 
  • Elk geopend test- en triagecentrum moet beide functies (staalafname en triage) uitoefenen, hoewel de triagefunctie tijdelijk on hold kan gezet worden. 
  • De test- en triagecentra rapporteren de door de overheid gevraagde indicatoren. 
Wie kan een test- en triagecentrum oprichten?

Enkel huisartsenkringen en wachtposten mogen een test- en triagecentrum oprichten. Commerciële initiatieven worden niet toegelaten.

Hoe verloopt de financiering?

Er is een cofinanciering voorzien, waarbij het RIZIV de personeelskosten vergoedt m.b.t. de medische coördinatie en de administratieve en verpleegkundige ondersteuning.  De Vlaamse overheid staat in voor de kost van infrastructuur, energie en nutsvoorziening en de niet-medische organisatie- en uitbatingskosten. Kosten die niet door deze cofinanciering gedekt zijn, zijn persoonlijke beschermingsmiddelen waarvoor de federale overheid verantwoordelijk is, alsook eventuele kosten in verband met IT-licenties voor de verwerking van de gegevens in verband met afname en laboratoriumanalyses.