Personeelscijfers CGG 2016

In de eerste helft van het jaar sturen de CGG hun personeelsgegevens in via eenvormige tabel. Dit is een onderdeel van hun voortgangsrapportage. Alle 20 CGG stuurden hun gegevens binnen.

  • Hieronder vindt u de belangrijkste cijfers en conclusies.
  • Rechts vindt u het volledige rapport van 2016 en voorgaande jaren, met een bespreking van cijfers en grafieken. Onderaan staan excelbestanden met uitgebreidere cijfers en grafieken.
  • Meer info over voortgangsrapporten vindt u onder het domein - geestelijke gezondheid.
Hoeveel personeel werkte er op 1/1/2015 in de Vlaamse CGG?

In 2016 boden de CGG werk aan 1.022,3 VTE:

  • 802,4 VTE werd betaald via de financiële enveloppe van Zorg en Gezondheid.
  • 219,9 VTE betaald via andere bronnen of als zelfstandigen.
  • Het gemiddeld aantal VTE per CGG was 51,1.
Regionale spreiding personeel CGG (VTE per 100.000 inwoners), enkel cliëntenwerking, 2016
Cliëntenwerking CGG; Aantal VTE per 100.000 inwoners per provincie, 2016

Regionale spreiding cliëntenwerking

Als we rekening houden met het aantal inwoners zien we volgende verschillen tussen de provincies:

  • In Antwerpen worden de meeste aantal uren hulpverlening aangeboden (169,4 VTE), maar als we dit relateren aan de bevolking dan scoort men toch maar laag, nl. 9,3 VTE per 100.000 inwoners.
  • In Limburg worden de minste aantal uren hulpverlening aangeboden (84,5 VTE), maar als we dit relateren aan de bevolking heeft men er een gemiddeld aantal hulpverleningsuren per inwoner, nl. 9,8 VTE per 100.000 inwoners. Dit gaat ook samen met gemiddeld het meeste cliënten per aantal inwoners.
  • In Vlaams Brabant en Brussel HG en in Oost-Vlaanderen heeft men het hoogste aantal uren hulpverlening per inwoner, nl. 11,0 VTE per 100.000 inwoners

Als we het aantal VTE per doelgroep vergelijken met het aantal inwoners van deze leeftijdsdoel­groepen, valt het vooral op dat per minderjarige het aantal VTE 2 keer zo groot is als bij 18-59-jarigen. Per 60+’er is het aantal VTE beperkt.

Over deze cijfers

Jaarlijks delen de CGG mee wie er op 1 januari van het jaar in hun centrum werkt in hun zogenaamde ‘voortgangsrapporten’. Al wie in een CGG werkt, moet hierin worden opgenomen. De functies variëren dan ook van poetshulp tot zelfstandige psychiaters.

Meer informatie over deze cijfers, over deelwerking en functies vindt u in de volledige rapporten (link bovenaan).