Onderzoek naar resistente darmbacteriën in woonzorgcentra en kinderdagverblijven (I-4-1-Health Interreg )

Het I-4-1-Health project Vlaanderen-Nederland

In de grensstreek Vlaanderen-Nederland werkten 26 zorgorganisaties samen aan het i-4-1-Health project. Dit project richt zich op infectiepreventie en het bestrijden van antibioticaresistentie bij mens en dier door middel van onderzoek en innovatie. Het project is gestart op 1 januari 2017 en geëindigd op 31 december 2019.

Het project deed een onderzoek in WZC en kinderdagverblijven naar

  • antibioticaresistentie, in het bijzonder het % dragerschap van multiresistente darmbacteriën (ESBL-E, CPE, VRE) op 1 dag (puntprevalentiestudie) en de eventuele verspreiding binnen de instelling.  
  •  infectierisico’s (infectierisicoscan) en het formuleren van verbeterpunten.  

Bacteriën worden in toenemende mate ongevoelig (resistent) voor antibiotica. Resistentie maakt het effectief behandelen van infectieziekten moeilijker en duurder. Dit is een groeiend probleem in zowel de algemene bevolking, zorginstellingen en de (intensieve) veehouderij.

Resultaten woonzorgcentra

Het onderzoek peilde op een gestandaardiseerde manier in 13 WZC verspreid over Vlaanderen (658 bewoners, gemiddelde leeftijd 88 jaar) naar het % dragerschap van multiresistente darmbacteriën (ESBL-E, CPE, VRE) en het clonaal verwantschap ESBL-E.

Uit de resultaten uit Vlaanderen blijkt een 

  • ESBL-E dragerschap van 16,3%
  • CPE dragerschap 0%
  • VRE dragerschap 0.3%.

Er is verbeterpotentieel voor infectiepreventie bij volgende domeinen:  

  • Bij 2 op de 8 bewoners met een urinekatheter was het gebruik ervan niet geïndiceerd.  
  • 34 bewoners kregen antibioticatherapie. Bij 4 bewoners was dit onvoldoende onderbouwd.

  • De reiniging van de omgeving is suboptimaal.  
  • Handhygiëne: de basisvoorwaarden worden nog niet altijd nageleefd (geen ringen, geen polssieraden/uurwerk, korte propere nagels zonder nagellak of gelnagels,  korte mouwen).  
  • Structuurvoorwaarden: niet op alle zorgpunten is het nodige materiaal beschikbaar zoals handalcoholgel beschikbaar en voor correcte reiniging van bedpannen en urinalen is er nood aan een bedpanspoeler of vermaalsysteem.  

Meer  .

Resultaten kinderdagverblijven

18 kinderdagverblijven werden at random geselecteerd in Vlaanderen, en van 448 kinderen werden stoelgangsstalen (uit de luier of het potje) onderzocht op de aanwezigheid van resistente darmbacteriën (ESBL-E, CPE, VRE) en werden vragenlijsten naar risicofactoren verzameld. 

De resultaten tonen 15,8% dragerschap van ESBL-E bij deze jonge kinderen, met een grote mate van variatie tussen kinderdagverblijven. 

Er is verbeterpotentieel voor infectiepreventie bij volgende domeinen: 

  • handhygiëne, 
  • de schoonmaak (met als aandachtspunt het speelgoed) 
  • hygiëne rond stoelgang (bv reinigen van het luierkussen na elk gebruik, papieren wegwerphanddoekjes). 

Meer pdf bestandresultaten van het I-41-Health-onderzoek in kinderdagverblijven in deze infographic (692 kB)

Acties

  • In de woonzorgcentra loopt al langer een campagne om zorginfecties te vorkomen en een correcte handhygiëne toe te passen, zie www.zorginfecties.be.
  • Voor de kinderdagverblijven is Zorg en Gezondheid in overleg gegaan met Kind en Gezin. Er komt een checklist voor het volledig en grondig schoonmaken van kinderdagverblijven (incl. speelgoed, deurklinken etc.) en consultatiebureaus en we overwegen een campagne voor correcte handhygiëne.
  • Overmatig antibioticagebruik terugdringen blijft een belangrijke maatregel. Acties hiervoor gebeuren door de federale overheid. Zorg en Gezondheid zal erop aandringen dat in het nationaal actieplan antimicrobiële resistentie ook aandacht komt voor het voorschrijven van antiobiotica bij de leeftijdsgroepen in kinderdagverblijven en hier acties aan te koppelen.