Jaarrapport SPE 2017. Trends in geboortes en bevallingen in Vlaanderen

  • 5 november 2018

Vandaag publiceert het studiecentrum voor perinatale neonatologie (SPE) zijn nieuwe jaarverslag met de cijfers over geboortes en bevallingen in Vlaanderen in 2017. Het studiecentrum haalt die gegevens in opdracht van Zorg en Gezondheid bij alle 63 kraamklinieken uit het Vlaamse Gewest en bij het UZ Brussel. Het SPE beschikt ook over gegevens van 399 thuisbevallingen. In 2017 werden er in Vlaanderen 63.838 baby’s geboren. Na een lichte stijging in 2016 vertoont het geboortecijfers daarmee opnieuw een dalende trend.

Geboortecijfer in dalende lijn

In 2017 daalde het aantal geboorten in Vlaanderen weer na een beperkte stijging in 2016.

Professor Roland Devlieger van het SPE: “De daling in het aantal verlossingen in 2017 situeert zich in alle provincies, en is het grootst in West-Vlaanderen.”

Oude moeders en steeds minder tienerzwangerschappen

In 2017 was de gemiddelde leeftijd waarop een moeder haar eerste kind kreeg 29 jaar, terwijl dat in 1987 nog 25.7 jaar was. Ook het aantal 40-plussers is hoog en blijft stijgen: 1 vrouw op 34 (2.9%) is 40 jaar of ouder op het moment van de bevalling. In 1991 was dit 0.8%. Meer dan één vrouw op 6 (17.4%) is 35 of meer op het moment van de bevalling.

Professor Roland Devlieger van het SPE: “Vlaamse moeders krijgen hun kinderen laat. De leeftijd waarop Vlaamse moeders hun eerste kind krijgen, stijgt jaar na jaar.”

In Vlaanderen is het aantal tienerzwangerschappen zeer laag. 742 vrouwen jonger dan 20 kregen in 2018 een kind, 179 onder hen waren jonger dan 18. Dat is weer een daling ten opzichte van de vorige jaren.

Veel medisch begeleide bevruchting

Het aandeel van de kinderen dat verwekt werd door medisch geassisteerde bevruchting was nog nooit zo hoog (7.5 %). Een vrouw op 13 wordt dus op een niet-natuurlijke manier zwanger. In 2007 was dat nog 1 op 20 en in 1997 was dat 1 op 29.