Hoe verloopt contactonderzoek: van huisarts tot contact

1. Thuis blijven bij ziekte en de dokter bellen

Heb je klachten zoals hoesten, pijn aan de borst, verlies van reuk of smaak, koorts? Dan kun je besmet zijn met het virus.

  1. Blijf meteen thuis zodat je geen contact meer hebt met andere mensen: isoleer je zelf.
  2. Bel je huisarts. Je huisarts geeft je advies en zegt je of en waar je getest kunt worden.
  3. Je huisarts brengt de bevoegde instanties op de hoogte zodat het contactonderzoek snel kan starten.
  4. Maak een lijstje van de mensen met wie je contact hebt gehad vanaf twee dagen voor je symptomen vertoonde tot het moment dat je jezelf isoleerde. Noteer naast hun naam ook hun telefoonnummer, adres, geboortedatum en e-mailadres. Gebruik dit formulier om uw contacten op te lijsten.
2. Contactonderzoek: je wordt gebeld of krijgt een huisbezoek

Zegt je test of je dokter dat je COVID-19 hebt? Het contactonderzoek start.

  1. Een medewerker van de overheid belt je op. Als het niet past, spreek je een ander moment af.
  2. De medewerker stelt je een aantal vragen on om een lijstje te maken met wie je contact gehad hebt. Je kunt zelf ook vragen stellen.
  3. Voor elk contact wordt ook gevraagd hoe lang en van hoe dichtbij dat contact was om het risico voor die contactpersoon in te schatten.
  4. Het is belangrijk dat je zo volledig mogelijk antwoordt op de vragen van de medewerker. Zo kunnen we verdere besmettingen beperken.
3. Je contactpersonen krijgen advies

We bellen (of bezoeken) de mensen die met een besmette persoon in contact zijn gekomen. Ze krijgen advies wat ze moeten doen om geen andere mensen ziek te maken. We vertellen hen niet wie de besmette persoon is.
 

Vragen over contactonderzoek?

Stel uw vragen via het algemene infonummer voor COVID-19