Financieel verslag indienen als lokaal dienstencentrum

Bepalingen voor het financiële verslag

De erkende lokale dienstencentra moeten jaarlijks zo snel mogelijk en uiterlijk op 1 oktober het financiële verslag van het afgelopen jaar aan Zorg en Gezondheid bezorgen.

Daarvoor moet u dit formulier gebruiken. Dat formulier moet ingevuld en ondertekend worden door iemand die de rechtspersoon die het lokaal dienstencentrum uitbaat, juridisch kan vertegenwoordigen. 

Bij dat formulier voegt u alle documenten die vermeld worden bij het antwoord dat u in vraag 6 van het formulier aangekruist hebt. Het gaat enerzijds om een aantal boekhoudkundige documenten en anderzijds om een subsidielijst.

Daarbij moeten de dienstencentra de bepalingen in het besluit van de Vlaamse Regering van 13 januari 2006 betreffende de boekhouding en het financieel verslag voor de voorzieningen in bepaalde sectoren van het beleidsdomein Welzijn, Volksgezondheid en Gezin naleven.

Boekhoudkundige bepalingen

Er worden geen specifieke boekhoudkundige bepalingen meer opgelegd voor de erkenning of de subsidiëring: lokale dienstencentra moeten geen aparte boekhouding meer voeren of een aparte jaarrekening opstellen. Ze kunnen gewoon de boekhoudregels volgen die van toepassing zijn op de rechtsvorm van hun initiatiefnemer (bijvoorbeeld een vzw). 

Boekhoudkundige documenten

Afhankelijk van wie de initiatiefnemer van het lokaal dienstencentrum is (de aard van de rechtspersoon), bestaat het financiële verslag uit andere documenten.

Lokale dienstencentra die opgericht zijn door een vereniging zonder winstoogmerk (vzw) die een dubbele boekhouding moet voeren:

  • de jaarrekening van de vzw (balans, globale resultatenrekening ...), zoals die werd goedgekeurd door de algemene vergadering van de vzw en neergelegd bij de Balanscentrale van de Nationale Bank;
  • de resultatenrekening van het activiteitencentrum lokaal dienstencentrum;
  • een toelichting over de wijze waarop de kosten en opbrengsten verdeeld zijn over de verschillende activiteitencentra van de vzw.

Lokale dienstencentra die opgericht zijn door een vereniging zonder winstoogmerk (vzw) die een vereenvoudigde boekhouding moet voeren:

  • de jaarrekening van de vzw (staat van het vermogen, staat van ontvangsten en uitgaven), zoals die werd goedgekeurd door de algemene vergadering van de vzw en neergelegd op de griffie van de rechtbank van koophandel;
  • de staat van ontvangsten en uitgaven van het activiteitencentrum lokaal dienstencentrum;
  • en toelichting over de wijze waarop de ontvangsten en uitgaven verdeeld zijn over de verschillende activiteitencentra van de vzw.

Lokale dienstencentra die opgericht zijn door een OCMW of een vereniging, opgericht conform hoofdstuk I, II of III van titel VIII van het decreet van 19 december 2008 betreffende de organisatie van de openbare centra voor maatschappelijk welzijn:

  • de resultatenrekening van het (sub)activiteitencentrum lokaal dienstencentrum;
  • een toelichting over de wijze waarop kosten en opbrengsten verdeeld werden over de verschillende (sub)activiteitencentra van het OCMW.

Lokale dienstencentra die opgericht zijn door een ander openbaar bestuur (gemeente- of stadsbestuur, intercommunale ...) of een ziekenfonds:

  • een uittreksel uit de rekening van het openbaar bestuur of het ziekenfonds met alle rekeningen die betrekking hebben op het lokaal dienstencentrum.

Subsidielijst

Op de subsidielijst vermeldt u alle subsidies die in het werkjaar in kwestie aan het lokaal dienstencentrum verstrekt zijn door een overheid, samen met de subsidieverleners en het doel van die subsidies.

Het is belangrijk dat op die lijst de volledige subsidiebedragen vermeld worden (zowel de al uitbetaalde voorschotten als het vermoedelijke saldo dat nog uitbetaald zal worden). Geef telkens aan of het om het correcte subsidiebedrag gaat, dan wel om het vermoedelijke bedrag of een raming van het bedrag.

 

 

Contact over thuiszorg