Erkenningsvoorwaarden over facturatie in ouderenzorgvoorzieningen (uit het uitvoeringsbesluit Vlaamse sociale bescherming )

Een aantal bepalingen rond facturatie in ouderenzorgvoorzieningen zijn met het Stambesluit van 2019 (uitvoeringsbesluit bij het Woonzorgdecreet) toegevoegd aan het uitvoeringsbesluit Vlaamse sociale bescherming (VSB) en als erkenningsvoorwaarden aangepast of toegevoegd voor die ouderenzorgvoorzieningen.

De artikels 42 tot en met 82 van het stambesluit wijzigen een aantal bepalingen in het uitvoeringsbesluit van de Vlaamse sociale bescherming en voegen een aantal nieuwe bepalingen toe:

  • De terminologie in het VSB-besluit wordt gelijk gezet met de terminologie in het Woonzorgdecreet van 2019 en het Stambesluit 2019.
  • Bepalingen over facturatie in de bijlagen bij het vorige Stambesluit uit 2009 worden overgezet naar het VSB-besluit.
    • Deze zijn vanaf 1 januari 2020 van toepassing voor alle woonzorgcentra, de centra voor kortverblijf type 1 bij een woonzorgcentrum en de centra voor dagverzorging met een bijkomende erkenning
    • Deze zijn niet van toepassing op de centra voor kortverblijf type 1 bij een centrum voor herstelverblijf en centra voor dagverzorging zonder een bijkomende erkenning. Voor deze voorzieningen zijn in de erkenningsvoorwaarden specifieke bepalingen over facturatie opgenomen.

Facturatievoorwaarden voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf bij een woonzorgcentrum en de centra voor dagverzorging met een bijkomende erkenning

De gewijzigde en toegevoegde bepalingen in het VSB-besluit zijn van toepassing vanaf 1 januari 2020 voor:

  • Alle woonzorgcentra (al dan niet met een bijkomende erkenning).
  • De centra voor kortverblijf (al dan niet met een bijkomende erkenning) bij een woonzorgcentrum.
  • De centra voor dagverzorging met een bijkomende erkenning.

In het Stambesluit is telkens bepaald dat ook voor de facturatie bepaalde artikelen van het VSB-besluit als erkenningsvoorwaarde gelden. Dat staat in de bijlagen van het Stambesluit:

  • In de bijlage 7 – centra voor dagverzorging en centra voor dagopvang (artikel 62).
  • In de bijlage 8 – centra voor kortverblijf (artikel 15).
  • In de bijlage 11 – Woonzorgcentra (artikel 44).

Deze pdf bestandartikelen in het VSB-besluit (144 kB) hernemen wat in de vroegere erkenningsvoorwaarden stond vermeld - mits een aantal wijzigingen en toevoeging van een aantal nieuwe bepalingen - en hebben betrekking op volgende items:

  • artikel 508 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): delegatie aan de minister om te bepalen welke kostprijselementen deel moeten uitmaken van de dagprijs, voor welke extra diensten en leveringen er een extra vergoeding kan aangerekend worden en welke uitgaven als voorschot ten gunste van derden kunnen beschouwd worden;
  • artikel 509 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): regeling met betrekking tot de extra vergoedingen;
  • artikel 509/1 (enkel woonzorgcentra en centra voor kortverblijf type 1):
  • §1. informatieverstrekking over dagprijzen en extra vergoedingen, en regeling voorschotten ten gunste van derden,
  • §2. korting op dagprijs bij afwezigheid bewoner (gewijzigd),
  • §3. keuze tussen waarborg en kosteloze borgstelling door een privépersoon (gewijzigd),
  • §4. Specifieke regeling voor centra voor kortverblijf;
  • artikel 509/2 (enkel centrum voor dagverzorging):
  • §1. informatieverstrekking over dagprijzen en extra vergoedingen, en regeling voorschotten ten gunste van derden,
  • §2. oproepsysteem begrepen in dagprijs – aangepaste dagprijs voor personen die enkel ’s nachts in een centrum voor dagverzorging verblijven,
  •  §3. regeling bij afwezigheid of overlijden gebruiker – geen annulatie- of reservatievergoeding (gewijzigd),
  • §4. geen waarborg;
  • Artikel 510 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): diensten, producten en premies vergoed door de tegemoetkomingen voor zorg kunnen geen onderdeel zijn van de dagprijs of aanleiding geven tot een extra vergoeding of voorschot ten gunste van derden;
  • Artikel 510/1 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): regeling bij vaststelling van het ten onrechte aanrekenen van kosten (nieuw);
  • Artikel 523, 2e lid (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): vermelden op gebruikersfactuur van bedrag tegemoetkoming voor zorg (nieuw);
  • Artikel 524 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): niet aanrekenen van de terbeschikkingstelling van hulpmiddelen;
  • Artikel 525 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging):  opmaken van maandelijkse gebruikersfactuur;
  • Artikel 526 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): verplichte vermeldingen op gebruikersfactuur (gewijzigd);
  • Artikel 526/1 (enkel voor centrum voor dagverzorging): specifieke regeling facturatie voor centra voor dagverzorging;
  • Artikel 527 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): vermelden van specifieke kortingen op gebruikersfactuur (incontinentiemateriaal, infrastructuursubsidies en jongdementie);
  • Artikel 527/1 (voor woonzorgcentra, centra voor kortverblijf type 1 en centrum voor dagverzorging): termijn betaling gebruikersfactuur en regeling bij niet-betaling van gebruikersfactuur (gewijzigd).

Wanneer van toepassing?

Voor de voorzieningen die onder de overgangsbepalingen vallen:

  • Zij moeten uiterlijk op 31 december 2022 voldoen aan de erkenningsvoorwaarden uit de bijlagen bij het Stambesluit van 28 juni 2019. Uitzondering: aan de erkenningsvoorwaarden die al in het vorige Stambesluit stonden, moet de voorziening uiteraard bijven voldoen.
  • De artikels in het VSB-besluit zijn al op 1 januari 2020 in werking getreden. De voorzieningen moeten dus al vanaf die dag de nieuwe facturatiebepalingen naleven.
    • De inspecteurs van Zorginspectie kunnen hierop toezien. Er geldt nog geen handhavingsmechanisme, Voorzieningen kunnen hun erkenning pas verliezen op basis van het niet naleven van die bepalingen vanaf 1 januari 2023.
    • De toepassing van deze bepalingen kan wel bv. vanaf 1 januari 2020 in een rechtsgeding gerbruikt worden tussen een gebruiker en een voorziening.

Nieuwe voorzieningen moeten aan deze erkenningsvoorwaarden beantwoorden vanaf de ingangsdatum van hun erkenning.

Facturatievoorwaarden voor centra voor kortverblijf type 1 bij een centrum voor herstelverblijf en centra voor dagverzorging zonder een bijkomende erkenning

De bepalingen in het VSB-besluit zijn niet van toepassing op de centra voor kortverblijf type 1 bij een centrum voor herstelverblijf en centra voor dagverzorging zonder een bijkomende erkenning.

Voor deze voorzieningen zijn in de erkenningsvoorwaarden in het Stambesluit specifieke bepalingen inzake facturatie opgenomen die inhoudelijk overeenstemmen met de bepalingen in het VSB-besluit.

  • Voor de centra voor dagverzorging zonder een bijkomende erkenning zitten deze vervat in de artikelen 30 tot en met 41 (bijlage 7 – centra voor dagverzorging en centra voor dagopvang).
  • Voor centra voor kortverblijf type 1 bij een centrum voor herstelverblijf zitten deze vervat in het artikel 16 (bijlage 8 – centra voor kortverblijf).

Wanneer van toepassing?

Voorzieningen die onder de overgangsbepalingen vallen, moeten uiterlijk op 31 december 2022 voldoen aan de erkenningsvoorwaarden uit de bijlagen bij het Stambesluit van 28 juni 2019. Uitzondering: aan de erkenningsvoorwaarden die al in het vorige Stambesluit stonden, moet de voorziening uiteraard bijven voldoen. De artikels in het VSB-besluit zijn op hen niet van toepassing.

Nieuwe voorzieningen moeten aan deze erkenningsvoorwaarden beantwoorden vanaf de ingangsdatum van hun erkenning.

Regelgeving over de financiering van ouderenzorg in de Vlaamse sociale bescherming

Het decreet Vlaamse sociale bescherming en bijhorende uitvoeringsbesluiten regelt de financiering van de ouderenvoorzieningen in de Vlaamse sociale bescherming.

Woonzorgdecreet en uitvoeringsbesluiten

In dit decreet en uitvoeringsbesluiten worden bestaande en nieuwe vormen in de thuiszorg, de thuiszorgondersteunende en -aanvullende zorg en de residentiële ouderenzorg gecombineerd.