Decreet van 5 april 2019 betreffende de organisatie en ondersteuning van het geestelijke gezondheidsaanbod

Open dit decreet in de Vlaamse codex.

Dit decreet omvat alle bestaande regelgeving van de sectoren in de geestelijke gezondheidszorg. Ook de krijtlijnen van het Vlaams Actieplan Geestelijke Gezondheid dat al in uitvoering is, worden daarmee definitief vastgelegd. Nieuwe concepten als netwerken, functies en programma’s, maar ook ervaringsdeskundigheid zijn in het decreet kernbegrippen. 

Het nieuwe decreet wil de strijd tegen het stigma opvoeren. Het verhogen van de publieke kennis over geestelijke gezondheid staat in het decreet dan ook beschreven als een expliciete opdracht van alle organisaties en instellingen die met geestelijke gezondheid aan de slag gaan. Het decreet maakt het bovendien mogelijk om partnerorganisaties op te richten of te erkennen die o.a. destigmatiserende methodieken ontwikkelen.

In het  decreet wordt er duidelijk voor gekozen om de ervaringsdeskundigen – mensen die het psychisch moeilijk hebben of gehad hebben –  zowel in de zorg als op beleidsniveau een rol te laten spelen.

Het betrekken van de omgeving van de persoon met een psychische problematiek staat nu expliciet als een opdracht voor de geestelijke gezondheidszorg in het decreet, waarvoor zij duidelijk en transparant acties moet opzetten.

Dit kaderdecreet voorziet ook een juridische basis voor de erkenning, programmatie en samenstelling van de netwerken geestelijke gezondheid die in de schoot van de IMC Volksgezondheid zijn opgericht

In het decreet wordt ook een onderscheid in zorgniveaus gemaakt.

Het decreet voorziet ten slotte in een eenduidige terminologie die in de netwerken gehanteerd zal worden.