Cijfers over cardiale zorgprogramma's

Op deze pagina:

Zorgprogramma cardiale basiszorg (A)

Cardiologische basiszorg bestaat vooral uit de behandeling van chronisch hartfalen en voorkamerfibrillatie, hartrevalidatie en de secundaire preventie van hartziekten.

Evolutie aantal ziekenhuizen en hun uitbatingsplaatsen met een erkenning voor cardiale basiszorg, 2001-2016
… met erkenning Zorgprogramma A Aantal ziekenhuizen Aantal uitbatingsplaatsen
2016 55 77
2011 56 79
2006 62 79
2001 66 84

Bron: Dolfijn, 2001, 2006, 2011, 2016

Totaal aantal activiteiten per kalenderjaar voor volgende procedures in alle Vlaamse ziekenhuizen met erkenning voor zorgprogramma A, 2012-2016
  2016 2015 2014 2013 2012
Echocardiografie 575.467 519.293 512.061 483.010 454.680
Fietsproef 327.828 302.105 300.876 277.164 248.852
Holtermonitoring 113.139 101.088 97.745 91.139 85.409
Defibrillatie 14.670 12.991 12.957 12.696 12.212
Coronaire trombolytische behandelingen 14.846 6.698 3.366 2.169 2.203

Bron: IZAG-enquête 2012-2016

Begrippen en selectiecriteria voor deze cijfers over cardiologische basiszorg

Terug naar boven

Zorgprogramma Cardiologie (B1-3)

“Cardiale invasieve zorg” bestaat vooral uit onderzoek en behandeling van meer ernstige hartproblemen die met uitgebreidere diagnostiek moeten worden vastgesteld en vragen om een invasieve therapie of ingreep. 23 ziekenhuizen zijn erkend voor dit zorgprogramma.

Evolutie aantal ziekenhuizen en hun uitbatingsplaatsen met een erkenning voor cardiale basiszorg, 2001-2016
… met erkenning Zorgprogramma B1-B2-B3 Volledig hartcentrum B1-B2 Invasieve zorg (niet- chirgische) B1 - Invasieve diagnose
2015-2016 13 9 1
2014 13 8 1
2013 13 4 1
2000-2012 13 0 4

Bron: Dolfijn, 2000-2016

 

Totaal aantal behandelingen per kalenderjaar voor onderstaande, samengevatte procedures in alle Vlaamse ziekenhuizen met erkenning voor zorgprogramma B, 2012-2016
Deelprogramma Procedures 2016 2015 2014 2013 2012
B1 - Invasieve (diagnostische) cardiologie Coronarografie 42.147 46.768 46.623 45.180 35.880
B2 - Interventionele cardiologie Niet-chirurgische therapie 19.517 20.295 19.484 17.961 19.750
B3 - Cardiochirurgie Heelkundige behandelingen met externe hart(long)machines 3.959 3.934 3.828 3.990 4.134
"Bypass-operaties" zonder externe hart(long)machines 3.738 3.669 3.936 3.940 4.105
Operaties onder hypothermie 202 172 175 174 153
Behandeling op bloedvaten (ballonnetjes, stents) 0 410 689 621 775
overige operaties hart (hartwonden en hartkleppen) 39 38 43 26 24
Zorgprogramma B3 en B2 Behandeling van kinderen 802 615 605 530 523

Download:xlsx bestandZH Evolutie details Cardiaal-B (2012-2016) (110 kB)
Bron: IZAG-enquête 2012-2016

Begrippen en selectiecriteria voor deze cijfers over het zorgprogramma “Cardiale invasieve zorg”

Terug naar boven

Zorgprogramma Aangeboren hartproblemen (C)

Het zorgprogramma “Congenitale hartafwijkingen bij kinderen” volgt de behandeling van jonge kinderen met aangeboren afwijkingen van het hart.

Er zijn al sinds 2000 2 ziekenhuizen erkend voor dit zorgprogramma.

Aantal patiënten met en operaties voor congenitaal cardiale problematiek, in alle Vlaamse ziekenhuizen met erkenning voor zorgprogramma C, 2012-2016
Procedures 2016 2015 2011 2013 2012
Aantal gediagnosticeerde patiënten met
een congenitaal cardiale problematiek
4.583 4.764 5.131 4.276 4.388
Aantal hartoperaties voor congenitale problematiek 444 417 398 409 427

Bron: IZAG-enquête 2012-2016

Begrippen en selectiecriteria voor deze cijfers over het zorgprogramma “Congenitale hartafwijkingen bij kinderen”

Terug naar boven

Zorgprogramma Elektrofysiologie (E)

Het zorgprogramma “Elektrofysiologie” omvat uitgebreid elektrofysiologisch onderzoek (EFO) om ritmestoornissen te verhelpen. Dat gebeurt voornamelijk door minieme littekens te maken in het hart (ablatie).

Enkel ziekenhuizen met erkenningen voor zorgprogramma B en P (pacemakertherapie) kunnen dit zorgprogramma aanbieden. Er zijn sinds 2010 al 17 ziekenhuizen erkend voor dit zorgprogramma.

Aantal behandelingen voor onderstaande nomenclatuurnummers, in alle Vlaamse ziekenhuizen met erkenning voor zorgprogramma E, 2012-2016
verkort label RIZIV-nummer 2016 2015 2014 2013 2012
Uitgebreid EFO zonder ablatie 476276 - 476280 2.722 2.868 2.917 2.320 2.733
Remmingstest van celkoloniën 589315 - 589326 0 865 864 834 816

Bron: IZAG-enquête 2012-2016

Begrippen en selectiecriteria voor deze cijfers over het zorgprogramma “Elektrofysiologie”

Terug naar boven

Zorgprogramma Transplantatie (T)

Het zorgprogramma “Hart en hartlongtransplantatie” voorziet in de select,ie voorbereiding en opvolging van patiënten met terminaal hartfalen voor een hart(long)transplantatie.

Er zijn sinds 2000 al 4 ziekenhuizen erkend voor dit zorgprogramma.

Aantal transplantaties per kalenderjaar, in alle Vlaamse ziekenhuizen met erkenning voor zorgprogramma T, 2012-2016
  2016 2015 2014 2013 2012
Aantal harttransplantaties 45 52 44 48 46
Aantal gecombineerde hart/longentransplantaties 1 1 0 0 2

Bron: IZAG-enquête 2012-2016

Begrippen en selectiecriteria voor deze cijfers over het zorgprogramma “Hart en hartlongtransplantatie"

Terug naar boven

Meer info

Berekeningswijze

Som van de absolute aantallen zoals ze zijn ingegeven via de elektronische IZAG-enquête door alle ziekenhuizen die erkend zijn voor het desbetreffende programma.

Definities en selectiecriteria

Zorgprogramma A

Het zorgprogramma "cardiale basiszorg" (kortweg A) legt minimumnormen en een minimum aantal activiteiten op voor niet-invasieve diagnose en nazorg en revalidatie bij hartproblemen. Volgens het Koninklijk besluit van 15 juli 2004 over de normen van de zorgprogramma’s voor “cardiale pathologie” bevat deze basiszorg minstens volgende procedures (art. 3):

  1. defibrillatie;
  2. instelling binnen de vereiste termijn en opvolging van een coronaire trombolytische behandeling;
  3. installatie van een tijdelijke pacemaker;
  4. rechter hartdrukmeting en intra-arteriële drukmeting;
  5. echocardiografie;
  6. Holtermonitoring.

De tabel bevat de cijfers van alle ziekenhuizen in Vlaanderen en het UZ Brussel (Jette) met een erkenning voor dit zorgprogramma voor volgende activiteiten:

Echocardiografie Echografie van het hart om hartafwijkingen op te sporen.
Fietsproef officieel "Cyclo-ergometrie": Veel hartaandoeningen worden pas zichtbaar wanneer het hart harder moet werken. Metingen uitgevoerd tijdens een fietsproef geven daarom meer informatie. De patiënt moet zich tijdens de meting lichamelijk volgens een bepaald schema ongeveer 10 minuten inspannen.
Het doel van deze metingen is :
1) het arbeidsvermogen van het hart beoordelen
2) het inspanningsgebonden zuurstoftekort beoordelen
3) inspanningsgebonden ritmestoornissen ontdekken.
Holtermonitoring Een holter is een kleine recorder die een patiënt gedurende een bepaalde periode (van 24 uur tot een week lang) draagt om het hartritme (ECG) op te nemen tijdens zijn dagelijkse leven. Zo kan nagegaan worden of en wanneer de abnormale/onregelmatige hartslag begint. De gegevens holter wordt uitgelezen en geïnterpreteerd door het ziekenhuis dat daarna de resultaten bezorgd via de huisarts.
Defibrillatie Wanneer een patiënt die bewusteloos is ten gevolge van bepaalde hartritmestoornissen Door toedienen van een elektrische schok aan het hart van een, de normale regelmechanismen van het hart opnieuw opstarten zodat deze de controle weer over kunnen nemen.
Coronaire trombolytische behandelingen therapie bij acuut myocardinfarct waarbij een stolsel in een bloedvat, ontstaan door trombose of embolie, met krachtige middelen wordt opgelost.

Terug naar cijfers zorgprogrammma A

Zorgprogramma B

Het zorgprogramma "cardiale invasieve zorg" (kortweg B) legt minimumnormen en een minimum aantal activiteiten op voor "invasieve diagnostische cardiologie" (deelprogramma B1), "interventionele, niet-chirurgische cardiologie" (deelprogramma B2) en "cardiochirurgie" (deelprogramma B3). Ofwel is een ziekenhuis erkend als "volledig hartcentrum" en biedt dan alle 3 deelprogramma’s aan, ofwel is het enkel erkend voor deelprogramma’s B1-B2. Het ziekenhuis dat een zorgprogramma B aanbiedt, moet ook erkend zijn voor zorgprogramma A.

Volgens het KB van 15 juli 2004 (deels gewijzigd via KB 8 maart 2007) over de normen van de zorgprogramma’s voor “cardiale pathologie” bevat deze basiszorg minstens volgende procedures (art. 12-14):

  • Voor deelprogramma B1 :
    1° linker en gecombineerde linker- en rechterhartcatheterisatie;
    2° ventriculografie;
    3° coronarografie.
  • Voor deelprogramma B2 omvat het alle state-of-the-art technieken in de interventionele cardiologie, met uitzondering van de procedures voor zorgprogramma’s P (pacemakertherapie); E, T en C.
  • Voor deelprogramma B3 omvat het alle state-of-the-art technieken voor de heelkundige behandeling van hartletsels, hartkleppen en kransslagaders, met uitzondering van de procedures voor zorgprogramma’s P (pacemakertherapie), E, T en C.

De tabel bevat de cijfers van alle ziekenhuizen in Vlaanderen en het UZ Brussel (Jette) met een erkenning voor dit zorgprogramma voor volgende activiteiten:

Deel-programma RIZIV-nomenclatuur prestatie Beschrijving prestatie
B1 453110 - 453121 Coronarografie, 1 of 2 kransslagaders, 1 invalshoek, minimum 6 clichés (tot 1/1/2012)
B1 464170-464181 Digitale coronarografie door hartcatheterisatie (vanaf 1/1/2012)
B1 453132 - 453143 Coronarografie, 1 of 2 kransslagaders, maximum voor het geheel van 2 of meer invalshoeken (minimum 6 clichés per invalshoek) (tot 1/1/2012)
B1 464192-464203 Digitale coronarografie door hartcatheterisatie met minimum twee gefilmde sequenties per overbrugging (vanaf 1/1/2012)
B1 464111 - 464122 Coronarografie, 1 of 2 kransslagaders, 1 invalshoek (minimum 6 clichés)(tot 1/1/2012)
B1 464133 - 464144 Coronarografie, 1 of 2 kransslagaders, maximum voor het geheel van 2 of meer invalshoeken (minimum 6 clichés per invalshoek)(tot 1/1/2012)
B1 453972 - 453983 Medische beeldvorming - Radiologie : dagplafond N 720 (bloedvatenstelsel) (tot 1/1/2012)
B1 464973 - 464984 Medische beeldvorming - Radiologie, artikel 17 ter, dagplafond N 720 (bloedvatenstelsel) (tot 1/1/2012)
B2 589013 - 589024 Percutane endovasculaire dilatatie met of zonder plaatsing van stent(s) onder controle door medische beeldvorming van een vernauwing en/of occlusie van een kransslagader, inclusief de manipulaties en controles tijdens de behandeling en al het gebruikte materiaal
B2 589035 - 589046 Bijkomend honorarium bij de verstrekking 589013 - 589124 voor bijkomende vernauwing van een coronaire slagader, maximum per operatiezitting
B2 589190 - 589201 Percutane endovasculaire plastiek van de aortaklep, van een aangeboren misvorming van de aorta, van de pulmonalisklep, de mitralisklep, de tricuspidklep of fulguratie van een klep inclusief de manipulaties en controles tijdens de behandeling en de gebruik
B3 229014 - 229025 Operaties op het hart of op de grote intrathoracale bloedvaten met extracorporale circulatie
B3 229036 - 229040 Openhartoperatie onder hypothermie
B3 229051 - 229062 Instrumentale of digitale valvulotomieën of commissurotomieën
B3 229073 - 229084 Heelkundige behandelingen van hartwonden
B3 229272 - 229283 Aortarecetie met bescherming door een tijdelijke bypass door prothese
B3 229515 - 229526 Operatie op het hart of de intrathoracale bloedvaten die het plaatsen omvat van meer dan een kunstklep of van een valvulair homogreffe of van een kunstklep en een myocardrevascularisatie, met extracorporale circulatie
B3 229530 - 229541 Operatie op het hart en op de grote intrathoracale bloedvaten, onder hypothermie tot een lichaamstemperatuur tot 20°C, met of zonder circulatiestop
B3 229552 - 229563 Operatie op het hart en op de grote intrathoracale bloedvaten met extracorporale circulatie, tijdens de eerste twee levensjaren
B3 229574 - 229585 Myocardrevascularisatie door anastomose met behulp van de arteria mamalia interna, met aanwending van de twee arteriae mamaliae internae of implantatie van de arteria mamalia interna in de vorm van sequentiële overbruggingen
B3 229596 - 229600 Operatie op het hart of op de grote intrathoracale bloedvaten die de plastiek of het plaatsen van een kunstklep omvat, met extracorporale circulatie
B3 229611 - 229622 Myocardrevascularisatie uitgevoerd met een slagaderent (mammaria, gastro-epiploica of geëxplanteerde slagader) inbegrepen de eventuele geassocieerde veneuze bypass(en)
B3 229633 - 229644 Myocardrevascularisatie op kloppend hart uitgevoerd met een slagaderent (mammaria, gastroepiploica of geëxplanteerde slagader) inbegrepen de eventuele geassocieerde veneuze bypass(en)
B3 239072 - 239083 Plaatsen van een intra-aortaal ballonnetje voor langdurige circulatie-assistentie door diastolische contrapulsie, buiten verstrekkingen met extracorporale circulatie of hypothermie
B3 239094 - 239105 Wegnemen van het intra-aortaal ballonnetje voor contrapulsie en herstellen van de slagader, buiten verstrekkingen met extracorporale circulatie of hypothermie

Terug naar cijfers zorgprogrammma B

Zorgprogramma C

Het zorgprogramma ‘congenitale hartafwijkingen bij kinderen’ (kortweg C) legt minimumnormen en een minimum aantal activiteiten op voor het behandelen en opvolgen tot volwassen leeftijd van kinderen waarbij een aangeboren hartafwijking wordt vastgesteld. Het ziekenhuis dat een zorgprogramma C aanbiedt, moet ook erkend zijn voor zorgprogramma B en mag dit slechts op 1 vestigingsplaats aanbieden (KB van 15 juli 2004 over de normen van de zorgprogramma’s voor “cardiale pathologie” (art. 50-52).

Terug naar cijfers zorgprogrammma C

Zorgprogramma E

Het zorgprogramma "Electrofysiologie" (kortweg E) legt minimumnormen en een minimum aantal activiteiten op en omvat uitgebreid elektrofysiologisch onderzoek voor het opwekken en beëindigen van tachycardieën met behulp van drie of meer catheters, inclusief de interventionele ablaties.

Volgens het KB van 15 juli 2004 over de normen van de zorgprogramma’s voor “cardiale pathologie” kan dit zorgprogramma enkel worden aangeboden als bovenbouw op en binnen de samenhang van een globaal zorgprogramma "cardiale pathologie" B, in een ziekenhuis dat tevens beschikt over een zorgprogramma "cardiale pathologie" P (pacemakertherapie) (art. 33-34). Voor volgende prestaties wordt een minimum aantal opgelegd (art. 35):

RIZIV-nomenclatuur prestatie Beschrijving prestatie
476276 - 476280

Uitgebreid elektrofysiologisch onderzoek zonder ablatie voor het opwekken en beëindigen van tachycardieën met behulp van drie of meer catheters, inclusief afname van bloedstalen, radioscopische en elektrocardiografische controles, toediening van farmaca en contraststoffen, met protocol en tracés

589315 - 589326 Raming van de cellulaire of humerale immuniteit door de remmingstest van de celkoloniën

Terug naar cijfers zorgprogrammma E

Zorgprogramma T

Het zorgprogramma "Hart en hartlongtransplantatie" (kortweg T) legt minimumnormen en een minimum aantal activiteiten op voor het behandelen en opvolgen van patiënten met terminaal hartfalen en die niet meer ontvankelijk zijn voor medische en/of chirurgische behandeling. Het ziekenhuis dat een zorgprogramma T aanbiedt, moet ook erkend zijn voor zorgprogramma B en slechts op 1 vestigingsplaats.

Volgens het KB van 15 juli 2004 over de normen van de zorgprogramma’s voor “cardiale pathologie” voorziet dit zorgprogramma in een doorgedreven multidisciplinaire samenwerking van chirurgen, cardiologen en pneumologen (art. 42) en moet het ziekenhuis volgende activiteiten aanbieden:

  1. de indicatiestelling tot transplantatie;
  2. de begeleiding van zorgprogramma's "cardiale pathologie" B in de oppuntstelling van kandidaten voor transplantatie;
  3. de oppuntstelling van veelvuldige transplantatie (hart/longen);
  4. het uitvoeren van een prelevatie in het kader van een multi-orgaan prelevatie;
  5. het uitvoeren van de transplantatie;
  6. de opvolging van de getransplanteerde patiënt;
  7. het instellen van een adequate anti-rejectie en antimicrobiële therapie;
  8. de opvang van transplantrejectie of posttransplantinfectie;
  9. opvolging van een recent of instabiel transplant;
  10. begeleiding van zorgprogramma's "cardiale pathologie" B in de opvolging van een stabiel transplant;
  11. de permanente beschikbaarstelling van een regelmatig bijgewerkt protocol, dat in detail alle aspecten en fasen van de transplantatie beschrijft.

Terug naar cijfers zorgprogramma T

Terug naar boven

Databestand: IZAG-registratie

Beschrijving van IZAG-registratie - bron voor o.a. personeelscijfers in ziekenhuizen Sinds 2000 delen de algemene ziekenhuizen, waarvoor de Vlaamse overheid bevoegdheden heeft, bepaalde gegevens mee aan de administratie gezondheidszorg, nu: Zorg en Gezondheid. Alle Vlaamse algemene ziekenhuizen dienen hun gegevens in, d.w.z. de ziekenhuizen gevestigd in het Vlaamse Gewest én het Universitair Ziekenhuis Brussel te Jette als unicommunautaire instelling in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

Databestand: Dolfijn

Zorg en Gezondheid gebruikt voor het erkennen van voorzieningen (o.a. algemene ziekenhuizen) de toepassing 'Dolfijn'. Dat programma maakt enerzijds automatisch de juiste erkenningsbesluiten aan, en stelt tegelijk een databank samen waarin de erkenningsgegevens (adres, capaciteit, erkenningsperiode en diensten) worden bijgehouden.