Bron- en clusteronderzoek

De verspreiding van COVID-19 tegenhouden kan alleen als zoveel mogelijk mensen zich zo goed mogelijk houden aan de 6 gouden regels, zoals het vermijden nauwe contacten, activiteiten zo veel mogelijk buiten doen en binnen goed ventileren en de hygiëne- en mondmaskerregels naleven. Daarnaast zorgt de contactopvolging voor een extra rem op het virus door mensen die het meeste risico lopen om besmet te zijn, zo snel mogelijk in quarantaine te plaatsen. Tot slot draagt ook onderzoek naar mogelijke bronnen of “clusters” van besmettingen bij tot het bestrijden van het virus, vooral dan om eventueel nog meer risico-contactpersonen te kunnen waarschuwen dan de contactopvolging kan vinden.

Naast contactonderzoek zetten we dus ook in op bron- en clusteronderzoek om de verspreiding van COVID 19 te vertragen:

  • De COVID 19-teams van de zorgraden doen lokaal hun eigen bron- en clusteronderzoek om gericht maatregelen te kunnen nemen. De COVID 19-teams van de zorgraden kregen daarvoor financiële ondersteuning en personeel. Via de Zorgatlas beschikken ze over data die verzameld wordt via het contactonderzoek, zoals identiteit en woonplaats van besmette personen, samenkomsten waar besmette personen geweest zijn en vermoedelijke bronnen. 
  • Zorg en Gezondheid, meerbepaald het team infectieziekten, onderzoekt ook zelf clusters  waarbij besmette personen dieper bevraagd worden naar hun verbanden met andere besmette personen en locaties of samenkomsten waar besmettingen gebeurd kunnen zijn (bijvoorbeeld bedrijven). 
    • Zorg en Gezondheid en de lokale COVID 19-teams delen hun inzichten over clusters met elkaar via een uitbraakvolgsysteem. 
  • In de telefoongesprekken van de contactopvolging wordt aan besmette personen gevraagd waar zij denken besmet te zijn geraakt. Via de Zorgatlas kunnen lokale besturen en zorgraden de resultaten van deze bevraging dag na dag opvolgen.
  • Bij bepaalde afgelijnde leefgemeenschappen waar er een medisch verantwoordelijke is, wordt die medisch verantwoordelijke ingezet om de mogelijke cluster in de leefgemeenschap te onderzoeken en bijkomend contactpersonen te laten testen of te isoleren. Bijvoorbeeld de CLB-arts in een school of CRA-arts in een woonzorgcentrum.

Clusters melden aan Zorg en Gezondheid en de lokale COVID 19-teams van de zorgraden 

Artsen moet clusters van besmettingen met COVID 19 melden aan Zorg en Gezondheid via een webformulier

Welke clusters melden?

  • Wanneer er zich in een groep of bijeenkomst van mensen 2 of meer besmettingen met COVID 19 voordoen, binnen een periode van 14 dagen. Het gaat zowel om clusters in zogeheten "collectiviteiten" als om clusters in de publieke samenleving of gemeenschap. 

    • Denk bijvoorbeeld aan 2 of meer besmettingen bij een sport-, culturele of hobbyactiviteit,  op feesten, ceremonies, in een school, zorgvoorziening of andere collectiviteit, in een bedrijf of werkplaats...
  • Wanneer die besmettingen in de groep wellicht niet los staan van elkaa,  maar mogelijk met elkaar verbonden zijn (de ene persoon binnen de groep heeft mogelijk de andere besmet tijdens de bijeenkomst).
  • Clusters in een gezin op hetzelfde adres hoeven niet gemeld te worden (wegens een te groot aantal). Uitbraken in grote gezinnen die zich uitbreiden over verschillende adressen, zijn wel nuttig om te melden. 

Wie moet melden?

  • Clusters melden moet in de eerste plaats gebeuren door de teamleader, coördinator of medisch verantwoordelijke (mspoc) van de COVID 19-teams van de zorgraden
  • Voor clusters in bedrijven doet de arts van de arbeidsgeneeskundige dienst de melding.
  • In scholen doet de CLB-arts de melding (naast en bovenop de melding die het CLB al doet aan het departement Onderwijs). 
  • Clusters in ziekenhuizen worden gemeld door het team ziekenhuishygiëne

Wie niet?

  • Woonzorgcentra (CRA-artsen), assisistentiewoningen en VAPH-voorzieningen hoeven hun uitbraken niet te melden via dit formulier aangezien zij via het e-loket hun besmettingen al melden aan Zorg en Gezondheid. 
  • (Huis)artsen  hoeven clusters niet te melden via het webformulier,  ze kunnen mogelijke clusters of signalen melden aan de medisch verantwoordelijke van hun zorgraad, die dan de melding via het webformulier doet. Ze mogen wel het webformulier gebruiken, op die manier verwittigen ze immers ook de medisch verantwoordelijke van  het COVID 19-team. 

Wat gebeurt er met de melding?

Alle clustermeldingen die via dit webform ingediend worden, komen automatisch via een "uitbraakvolgsysteem" terecht bij de COVID 19-teams van de zorgraden en het team infectieziektebestrijding van Zorg en Gezondheid. 

  • Via het meldformulier kan hulp gevraagd worden aan het COVID 19-team en/of het team infectieziekten om de cluster verder te onderzoeken en te beheersen (zie verder).
  • Dankzij de meldingen kan het COVID 19-team een meer volledig beeld krijgen van de lokale situatie inschatten voor het lokale beleid. Het team infectieziekte kan hiermee het nationale beleid adviseren.

Hulp vragen bij een cluster

Bij de melding van de cluster kan u aanvinken dat u hulp vraagt bij de aanpak van de cluster. Een hulpvraag kan zowel een vraag om informatie zijn of een vraag om praktische hulp. Wanneer u aanvinkt een hulpvraag te stellen, wordt u zo spoedig als mogelijk gecontacteerd door het COVID 19-team van de Zorgraad en/of het team infectieziekte. 

Meldingen van CLB-artsen en artsen van arbeidsgeneeskundige diensten worden in eerste instantie door de COVID 19-teams opgevolgd. Indien nodig kan de zorgraad de hulp van team infectieziekten inroepen. Bij complexe casussen kunnen zowel het COVID 19-team als team infectieziekten advies en ondersteuning aanbieden aan de vraagsteller en contact opnemen om een plan van aanpak uit te werken.

Nog niet alle informatie of vermoeden van cluster

U kan ook een melding doen van een vermoeden van een cluster of wanneer u nog niet over alle informatie beschikt. Wanneer nadien meer info bekend is, moet u dit wel meedelen aan het COVID 19-team van uw zorgraad of via contactonderzoek@vlaanderen.be, zodat de registratie up to date blijft.