Aantal overlijdens per regio (2017)

De "indirect gestandaardiseerde mortaliteitsratio" (SMR) geeft de verhouding weer tussen het aantal sterfgevallen in een bepaalde regio en het aantal sterfgevallen dat we theoretisch zouden verwachten als in die regio dezelfde leeftijdsspecifieke sterfte zou voorkomen als in een referentieregio. Op deze site is de referentieregio het Vlaams Gewest.

  • Een indirect gestandaardiseerde ratio gelijk aan 1 betekent dat het aantal waargenomen sterfgevallen overeenkomt met het theoretisch verwachte aantal.
  • Een ratio kleiner dan 1 houdt in dat het waargenomen aantal kleiner is dan het verwachte aantal.
  • Een ratio groter dan 1 betekent dat het waargenomen aantal groter is dan theoretisch verwacht.

Mannen

Binnen het Vlaams Gewest zijn er enkele beperkte verschillen tussen de zorgregio's rond de 14 regionale steden.

  • In 2017 stierven in de zorgregio rond Aalst en Antwerpen significant meer mannen dan kon verwacht worden op basis van de Vlaamse cijfers.

    • De verhoogde sterfte in de zorgregio Aalst kwam tot uiting in alle kleinere zorgpolen van deze regio, maar was significant hoog rond de zorgpool Dendermonde.
    • De verhoogde sterfte in de zorgregio Antwerpen kwam vooral tot uiting in de kleinere zorgpool Antwerpen waar de sterfte bij mannen significant verhoogd was. In de 3 andere zorgpolen was het niet verschillend van 1, en waren er zelfs 2 kleiner dan 1.
    • In de kleinere zorgpool Menen was de sterfte bij mannen significant verhoogd, maar dat was niet het geval in de grotere zorgregio Kortrijk. Dit komt omdat er in de andere kleinere zorgpool Waregem minder mannen stierven dan verwacht (niet significant).
  • In de zorgregio Hasselt stierven er significant minder mannen dan verwacht.
    • Deze lagere sterfte situeert zich vooral in de kleinere zorgpool rond Neerpelt. Ook rond Lommel, Tongeren en Hasselt was er een licht verlaagde sterfte
    • In de kleinere zorgpool Tervuren was er een significant lagere sterfte bij mannen dan verwacht, maar dit vertaalde zich niet in significant lagere cijfers in de grotere zorgregio Brusselse Rand, omdat de andere zorgpolen van die zorgregio normale tot licht verhoogde sterfte lieten noteren bij mannen.
Indirect gestandaardiseerde sterfteratio (SMR) voor Vlaamse zorgregio’s, mannen, 2017 - zorgregio's gesorteerd op SMR
Regionale stad
woonplaats
Geteld Verwacht OG SMR BG
RS: Aalst 1.678 1.547 1,01 1,08 1,16
RS: Antwerpen 4.574 4.329 1,01 1,06 1,10
RS: Kortrijk 1.602 1.546 0,96 1,04 1,11
RS: Gent 4.202 4.029 0,98 1,03 1,07
RS: Sint-Niklaas 1.138 1.112 0,94 1,02 1,12
RS: Genk 1.111 1.101 0,92 1,01 1,10
RS: Roeselare 1.813 1.819 0,93 1,00 1,07
RS: Oostende 1.188 1.192 0,92 1,00 1,08
RS: Mechelen 1.933 1.955 0,92 0,99 1,06
RS: Brusselse rand * 2.746 2.814 0,92 0,98 1,03
RS: Brugge 1.725 1.780 0,90 0,97 1,04
RS: Leuven 2.225 2.306 0,91 0,96 1,03
RS: Turnhout 1.964 2.081 0,88 0,94 1,01
RS: Hasselt 2.595 2.821 0,87 0,92 0,98

Bekijk: cijfers voor 59 klein-stedelijke zorgpolen:xlsx bestandSterfte per zorgregio (2017) (168 kB)
Bron: Sterftecertificaten alle overlijdens , Vlaams Gewest, 2017
Voetnoot*: De zorgregio rond Brussel, bevat hier enkel de sterfgevallen uit de Vlaamse gemeenten.

Vrouwen

  • In de zorgregio Antwerpen stierven significant meer vrouwen dan in de rest van Vlaanderen (statistisch significant).

    • In de zorgregio Antwerpen was de sterfte significant verhoogd rond de zorgpolen Antwerpen en Schilde.
  • In de zorgregio’s Roeselare stierven er significant nipt significant minder vrouwen dan verwacht.
    • Voor de zorgregio Roeselare was de sterfte bij vrouwen vooral lager rond de kleinere zorgpolen Ieper, Roeselare en Tielt.
    • In de ‘Brusselse rand’ was er wel een significant lagere sterfte in de zorgpool rond Tervuren, maar dit vertaalde zich niet in een significant lagere sterfte voor de ‘Brusselse rand’ als geheel.
    • Idem voor de grote zorgregio ‘Leuven’ met een significant lagere sterfte in de zorgpool rond de kleinere stadregio rond Leuven, en normale tot licht verhoogde sterfte in Tienen, Aarschot en Diest.
Indirect gestandaardiseerde sterfteratio (SMR) voor Vlaamse zorgregio’s, vrouwen, 2017 - zorgregio's gesorteerd op SMR
Regionale stad
woonplaats
Geteld Verwacht OG SMR BG
RS: Aalst 1.818 1.704 1,00 1,07 1,14
RS: Antwerpen 4.756 4.459 1,02 1,07 1,11
RS: Sint-Niklaas 1.145 1.108 0,95 1,03 1,13
RS: Turnhout 1.969 1.912 0,96 1,03 1,10
RS: Kortrijk 1.672 1.646 0,95 1,02 1,09
RS: Oostende 1.232 1.217 0,93 1,01 1,10
RS: Genk 1.032 1.038 0,91 0,99 1,09
RS: Mechelen 1.947 1.973 0,92 0.99 1,05
RS: Brugge 1.791 1.817 0,92 0,99 1,06
RS: Gent 4.287 4.366 0,94 0,98 1,03
RS: Hasselt 2.624 2.680 0,92 0,98 1,04
RS: Leuven 2.312 2.382 0,91 0,97 1,03
RS: Brusselse rand * 2.791 2.930 0,90 0,95 1,01
RS: Roeselare 1.764 1.908 0,86 0,92 0,99

Bekijk: cijfers voor 59 klein-stedelijke zorgpolen: xlsx bestandSterfte per zorgregio (2017) (168 kB)
Bron: Sterftecertificaten alle overlijdens , Vlaams Gewest, 2017
Voetnoot * : De zorgregio rond Brussel, bevat hier enkel de sterfgevallen uit de Vlaamse gemeenten.

Databestand: Sterftecertificaten personen van 1 jaar of ouder

Bij een overlijden vult de arts die het overlijden vaststelt de A, B en C-strook van het overlijdenscertificaat in. Een gemeenteambtenaar vult de D-strook in. De gemeente waar het overlijden heeft plaats gevonden, stuurt de B-, C- en D-stroken maandelijks op naar Zorg en Gezondheid, de A-strook blijft in de gemeente. Zorg en Gezondheid ontvangt zo de sterftecertificaten van alle Vlaamse (en Brusselse) gemeenten.