Inleiding
Vele ernstig zieken met een levensbedreigende aandoening geven er de voorkeur aan om in het eigen thuismilieu te sterven in plaats van in een ziekenhuis of rusthuis. Toch blijkt dat in de praktijk niet evident te zijn, ondanks de maatregelen die de voorbije jaren genomen werden om ernstig zieken met een levensbedreigende aandoening thuis een optimale verzorging te kunnen aanbieden en de kostprijs van zulke thuisverzorging voor de patiënt te verminderen. Er kunnen zich allerlei crisissituaties voordoen, onder andere op het vlak van pijn- en symptoomcontrole en op psychisch vlak. De verzorging van een terminale patiënt betekent ook een zware fysieke en psychische belasting voor diens omgeving.
De extra spanningen die de psychische toestand van de terminale patiënt soms meebrengt (mede als gevolg van het feit dat de leefwereld van de zieke soms sterk ingeperkt is) en de praktische problemen voor de omgeving om op alle dagen en uren de nodige zorg te waarborgen, kunnen gemakkelijk leiden tot ziekenhuisopnamen of opnamen in een rustoord. Mits een betere ondersteuning kan dit vermeden worden. Zeker voor alleenwonenden is het bestaan van zulke ondersteuning extra belangrijk om hospitalisaties te kunnen vermijden of te kunnen inkorten.
Het is in deze context dat het dagcentrum voor palliatieve verzorging ernaar streeft om de mogelijkheden die ernstig zieken met een levensbedreigende aandoening hebben om thuis te verblijven en thuis te sterven, te verruimen. Dit gebeurt door:
- de patiënten in het dagcentrum aangepaste, gespecialiseerde zorg te geven die in het thuismilieu niet of moeilijk kan verleend worden en zo het fysiek en psychisch comfort van de patiënt te verhogen en onnodige ziekenhuisopnamen te vermijden;
- via een aangepast activiteitenaanbod en via de mogelijkheden tot sociaal contact die het dagcentrum biedt, de autonomie en het psychologisch welbevinden van de patiënt te verhogen (waardoor zijn draagkracht toeneemt en eventuele spanningen in het thuismilieu afnemen);
- de belasting voor de mantelzorg (en eventueel ook voor de betrokken zorgverleners van de eerste lijn) te verminderen, doordat de patiënt bepaalde dagen in het dagcentrum kan doorbrengen.
Waar
Momenteel zijn 5 dagcentra voor palliatieve verzorging erkend door de Vlaamse gemeenschap:
-
Dagcentrum Heidehuis
Diksmuidse Heerweg 647, 8200 SINT-ANDRIES (BRUGGE)
tel: 050/40 61 50
fax: 050/40 61 59
info@pznwvl.be
Initiatiefnemer: VZW Palliatieve Zorg Noord-West Vlaanderen, Dikmuidse Heerweg 647, 8200 SINT-ANDRIES
-
Dagcentrum Topaz
J. Vander vekenstraat 158, 1780 WEMMEL
tel: 02/456 82 02
fax: 02/477 58 00
topazvub@skynet.be
Initiatiefnemer: VZW Academisch Ziekenhuis VUB, Laarbeeklaan 101, 1090 Jette
-
Dagcentrum Sint-Camillus
Oosterveldlaan 24, 2610 WILRIJK (ANTWERPEN)
tel: 03/443 33 55
fax: 03/443 45 20
palliatieve.SA@gza.be
Initiatiefnemer: VZW Sint-Augustinuslaan 20, 2610 Wilrijk
-
Dagcentrum Coda
Bredabaan 743, 2990 WUUSTWEZEL
tel: 03/633 20 10
fax: 03/633 20 05
npzn@skynet,be
Initiatiefnemer: VZW Coda, Bredabaan 743, 2990 Wuustwezel
-
Dagcentrum De Kust
Pater Pirelaan 6, 8400 STENE
tel: 0497 97 23 12
fax: 059/555 516
christianne.maertens@henriserruysav.be
Initiatiefnemer: VZW De Kust, Kaïrostraat 84, 8400 Oostende
Wettelijke basis
Door het RIZIV werd in 2002 een overeenkomst afgesloten in het kader van een proefproject rond de oprichting van dagcentra voor palliatieve verzorging. Deze overeenkomst met bijhorende subsidiëring liep af op 31 december 2005.
In Vlaanderen ontstonden 6 palliatieve dagcentra: dagcentrum H. Hartziekenhuis te Lier, dagcentrum Topaz te Wemmel, dagcentrum AZ Sint-Augustinus te Wilrijk, dagcentrum De Kust Te Oostende, dagcentrum Coda te Wuustwezel en dagcentrum Heidehuis te Sint-Andries.
De initiatieven van dagcentra voor palliatieve verzorging werden van rechtswege erkend voor de periode van 1 januari 2006 tot uiterlijk 31 december 2006 in toepassing van artikel 81 van het decreet van 23 december 2005 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2006.
In uitvoering van artikel 89 van het decreet van 22 december 2006 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2007, worden de centra die, krachtens artikel 81 van het decreet van 23 december 2005 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 2006 van rechtswege erkend waren door de Vlaamse Gemeenschap voor de periode van 1 januari 2006 tot en met 31 december 2006, door de Vlaamse Gemeenschap erkend als dagcentra voor palliatieve verzorging voor de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2007. Omwille van een onaanvaardbare lage bezetting, werd één van de zes centra (namelijk dagcentrum H. Hartziekenhuis te Lier) niet langer erkend.
De projecten betreffende palliatieve dagverzorging worden door een werkgroep geëvalueerd ten einde na te gaan welke meerwaarde er is inzake opvang en zorg, of uitwisseling van 'goede praktijkvoeringen' onder verschillende partijen mogelijk is, welke kostprijselementen ten laste genomen worden door de gemeenschappen en welke kosten door het RIZIV en tenslotte of de projecten tot het hele grondgebied dienen te worden uitgebreid of aan de financiering een einde dient te worden gemaakt.
Financiering
Federaal
Het koninklijk besluit van 8 december 2006 betreffende de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging voor projecten inzake palliatieve dagverzorging bepaalt de voorwaarden waaraan de projecten inzake palliatieve dagverzorging moeten beantwoorden.
Overeenkomstig artikel 2, § 1, van de overeenkomst van 2 februari 2007 (pdf, 138 kB) afgesloten tussen het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging van het rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering en de Vlaamse Gemeenschap betreffende de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging voor projecten inzake palliatieve dagverzorging wordt de tegemoetkoming afhankelijk gesteld van het behalen van een minimale bezetting.
De verdeling van het door de federale overheid in het kader van het protocol nr. 3 van 13 juni 2005 gesloten tussen de federale regering en de overheden, vermeld in de artikelen 128, 130, 135 en 138 van de Grondwet, over het te voeren ouderenzorgbeleid, jaarlijks aan de Vlaamse Gemeenschap toegekende budget wordt bepaald door het proportioneel aandeel van het centrum in de totale gerealiseerde bezettingsgraad van 2004 van alle centra samen.
Voor de berekening van dit proportioneel aandeel wordt rekening gehouden met de erkende centra.
Vlaanderen
Naast de federale betoelaging ontvangen deze centra ook nog een specifieke betoelaging vanwege de Vlaamse overheid.
Het
ministeriele besluit van 12 december 2006 (pdf, 43,66 kB)
,
ministeriele besluit van 22 augustus 2007 (pdf, 76 kB)
en ministeriele besluit van 8 juli 2008 (pdf, 112 kB) verlenen de vijf dagcentra voor palliatieve verzorging een subsidie voor de periode van 1 december 2006 tot en met 30 september 2008. Het betreft dagcentrum Topaz te Wemmel, dagcentrum AZ Sint-Augustinus te Wilrijk, dagcentrum De Kust Te Oostende, dagcentrum Coda te Wuustwezel en dagcentrum Heidehuis te Sint-Andries.
Die subsidies zijn bedoeld als bijdrage van de Vlaamse Gemeenschap in de kosten die gepaard gaan met adviesverstrekking en ondersteuning aan de dagverzorgingscentra en het ontwikkelen van deskundigheid van het personeel van de dagverzorgingscentra en thuiszorgdiensten door stages, praktijkopleidingen, cursussen en professionele adviezen.